Onderzoek vindt geen bewezen effectief gokbeleid voor jongeren

Een internationale wetenschappelijke studie concludeert dat er geen bewijs is dat enige vorm van gokbeleid duidelijk beter werkt dan alternatieven om jongeren te beschermen. Zowel verboden als gereguleerde markten kennen serieuze tekortkomingen, en dat gebrek aan duidelijkheid loopt door in bijna alle onderzochte beleidsvormen.

Verboden werken niet, regulering ook niet

Het onderzoek, gepubliceerd in Current Addiction Reports en geleid door Leon Y Xiao, analyseerde 36 empirische studies uit twaalf landen. De onderzoekers bekeken vier beleidsvormen, waaronder verbod op online gokken, gereguleerde markten, reclamebeperkingen en maatregelen rondom verantwoord gokken. De focus lag op jongeren tot en met 25 jaar.

Verboden op online gokken blijken in de praktijk moeilijk te handhaven. Landen als Indonesië kampen met een gebrek aan technische middelen en samenwerking met providers. In Duitsland leidde een verbod in 2008 niet tot minder deelname, maar juist tot een opmars van online poker. VPN-diensten en offshore aanbieders maken geografische blokkades bovendien steeds eenvoudiger te omzeilen, waardoor spelers uitwijken naar buitenlandse casinos.

Legalisering lost het probleem evenmin op. In Noorwegen steeg de online gokdeelname van circa 4,5% naar 7% tussen 2014 en 2018. In de Canadese provincie Québec maakte ruim 82% van de online gokkers na legalisering nog steeds gebruik van ongereguleerde websites.

Beschermingstools nauwelijks gebruikt

Negen studies richtten zich op maatregelen als stortingslimieten en zelfuitsluiting. In Nederland klinkt al langer een roep om een strengere zorgplicht, en de internationale cijfers geven daar voeding aan. In Australië kende ruim 60% van de spelers beschermingstools, maar gebruikte slechts een kwart de limieten. Zelfuitsluiting werd door slechts 8,1% toegepast.

Opvallend is dat ook leeftijdsgrenzen weinig zoden aan de dijk zetten. In Spanje had meer dan de helft van de ondervraagde jongeren tussen 15 en 17 jaar al gegokt, ondanks een wettelijke minimumleeftijd van 18. Een recent Ksa-rapport laat wel zien dat minderjarigen binnen de gereguleerde Nederlandse markt nauwelijks actief zijn, maar dat ze buiten die markt relatief makkelijk terechtkunnen bij aanbieders zonder licentie.

De onderzoekers pleiten voor meer onafhankelijk onderzoek, gefinancierd door een heffing op gokopbrengsten, naar welk beleid daadwerkelijk werkt.